Plugchoice

Begrippenlijst EV-laden

De termen die je tegenkomt rond EV-laders en laadsoftware, helder uitgelegd. Van OCPP en roaming tot load balancing en dynamische tarieven.

A
AC-laden
Laden met wisselstroom, de standaard voor thuis- en werkplekladers. De omvormer in de auto zet AC om naar DC voor de batterij, wat de snelheid beperkt tot ongeveer 3,7 tot 22 kW, afhankelijk van auto en aansluiting.
AFIR
De Europese verordening infrastructuur alternatieve brandstoffen. Stelt eisen aan publieke laadinfrastructuur, zoals ad-hoc betalen en prijstransparantie bij laadpunten.Lees verder
Autostart
Een laadsessie automatisch starten zodra de kabel wordt aangesloten, zonder pas te scannen. De lader gebruikt daarvoor een opgeslagen kaart-ID. Niet hetzelfde als ISO 15118 Plug & Charge, waarbij de auto zelf authenticeert.
B
Beschikbaar (laderstatus)
De connector is vrij en klaar voor gebruik: geen actieve sessie, geen auto aangesloten, geen pas gescand.
C
CCS (Combined Charging System)
De dominante connectorstandaard voor DC-snelladen in Europa. Combineert de Type 2-stekker met twee extra DC-pinnen, zodat een auto met een aansluiting beide aankan.
Charge point operator (CPO)
De partij die laadpunten beheert: bewaakt ze, houdt ze online en bepaalt bij publieke locaties vaak de prijs per kWh. Een lader kan door een CPO worden beheerd terwijl iemand anders de eigenaar is.Lees verder
Chargepoint ID
De identifier waarmee een lader zich via OCPP bij een laadplatform meldt. Elke aangesloten lader heeft er een; het is de sleutel om het juiste apparaat in een portal terug te vinden.
Connector
De afzonderlijke socket of vaste kabel van een lader. Een laadpunt kan meerdere connectoren hebben, elk met een eigen status en eigen transacties.
CSMS (beheersysteem voor laadstations)
De backendsoftware waarmee laders via OCPP verbinden: bewaakt de status, beheert sessies en regelt facturatie en slim laden. Ook wel laadplatform of backoffice genoemd.Lees verder
D
DC-snelladen
Laden met gelijkstroom uit een omvormer in het laadstation zelf, buiten de boordlader van de auto om. Gebruikelijk langs snelwegen, met vermogens van 50 kW tot enkele honderden kW.
Dynamische energietarieven
Stroomprijzen die per uur (of korter) veranderen en de groothandelsmarkt volgen. Met een dynamisch contract kan een slimme lader het laden automatisch naar de goedkoopste uren verschuiven.Lees verder
Dynamische load balancing (DLM)
Load balancing die reageert op het actuele verbruik. Een meter meet wat het gebouw gebruikt en de lader schaalt op of af zodat het totaal binnen de hoofdzekering blijft. Ook wel dynamisch laadmanagement genoemd.Lees verder
E
eMSP (e-Mobility Service Provider)
De partij waarmee de rijder het contract heeft: geeft de laadpas of app uit en stuurt de factuur. De eMSP betaalt de charge point operator voor de energie, meestal afgerekend via OCPI-roamingkoppelingen.
EPBD
De Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen. Verplicht onder meer laadpunten en loze leidingen voor parkeerplaatsen bij nieuwbouw en grote renovaties.Lees verder
ERE (groene-energiecertificaten)
Geladen kWh omzetten in verhandelbare certificaten voor hernieuwbare energie. Laaddata gaat naar een inboekdienstverlener die de certificaten registreert; de ladereigenaar of CPO krijgt een deel van de waarde.Lees verder
F
Fase (een- en driefase)
Een van de afzonderlijke wisselstroomlijnen in een elektrische aansluiting. Eenfase laadt tot 7,4 kW; driefase tot 22 kW, mits de boordlader van de auto dat aankan.
G
Gepland laden
Laden beperken tot vaste tijdvensters, bijvoorbeeld alleen buiten piekuren of alleen 's nachts. Een eenvoudiger alternatief voor laden op dynamische tarieven.Lees verder
I
ISO 15118 en Plug & Charge
De standaard voor communicatie tussen auto en lader. De bekendste functie is Plug & Charge: de auto identificeert zichzelf cryptografisch, zodat een sessie start en factureert zonder pas of app.
K
Kaart-UID
De unieke chipcode die een laadpas intern draagt. Dit is wat de kaartlezer van de lader daadwerkelijk scant; het staat meestal niet op de pas gedrukt.
kW versus kWh
Kilowatt (kW) is vermogen: hoe snel de energie op dit moment stroomt. Kilowattuur (kWh) is energie: hoeveel er in totaal is geleverd. Twee uur laden op 11 kW levert 22 kWh.
L
Laadpas (RFID)
Een pas of sleutelhanger met RFID-chip waarmee laadsessies worden geautoriseerd. De lader leest het unieke kaartnummer en toetst het aan een whitelist of een facturatiepartij.
Laadsessie (transactie)
Een volledige laadbeurt, van autorisatie tot loskoppelen, vastgelegd met start- en stoptijd en de geleverde energie in kWh. Laadplatforms tonen sessies als transacties voor facturatie en rapportage.
Laden op zon
Laden met de zonnestroom die anders aan het net zou worden teruggeleverd. Een meter meet het overschot en de lader volgt het, eventueel aangevuld met netstroom als de productie inzakt.Lees verder
Load balancing
Het beschikbare elektrische vermogen slim verdelen over een of meer laders, zodat iedereen zo snel mogelijk laadt zonder de aansluiting te overbelasten.Lees verder
M
MID-meter
Een kWh-meter gecertificeerd volgens de Europese richtlijn meetinstrumenten. Vereist wanneer geladen energie aan iemand wordt doorberekend, bijvoorbeeld bij thuisladen met een leaseauto.
O
OCPI
De Open Charge Point Interface: het protocol waarmee charge point operators en eMSP's locaties, tarieven en sessies uitwisselen. Dit maakt roaming tussen laadnetwerken mogelijk.
OCPP
Het Open Charge Point Protocol: de open standaard waarmee laders met een beheerplatform praten. Het draagt statussen, transacties, configuratie en smart-charging-commando's, en zorgt dat laders en platforms van verschillende leveranciers samenwerken.Lees verder
OCPP-proxy
Een dienst die tussen een lader en een of meer OCPP-platforms staat en de verbinding doorstuurt. Zo kan een lader meerdere backends tegelijk bedienen, bijvoorbeeld een voor facturatie en een voor energiemanagement.Lees verder
Onderbroken (wachten op auto of stroom)
Een actieve sessie waarbij geen energie stroomt. Wachten op auto: de auto vraagt geen vermogen, bijvoorbeeld omdat de batterij vol is of een eigen schema pauzeert. Wachten op stroom: de lader biedt niets aan, meestal omdat slim laden het tegenhoudt.
Operator
In laadsoftware: een OCPP-platform waarnaar de verbinding van een lader wordt doorgestuurd, voor facturatie, monitoring of publiek laden. Een lader kan met meerdere operators tegelijk verbonden zijn.Lees verder
P
Peak shaving
Het totale verbruik van een locatie onder een ingestelde piek houden door het laadvermogen tijdelijk te begrenzen. Voorkomt dure piekbelastingskosten of overbelasting van een krappe netaansluiting.Lees verder
Power sharing
Load balancing over meerdere connectoren of laders: het beschikbare vermogen wordt verdeeld over alle actieve sessies, in plaats van dat de eerste auto alles pakt.Lees verder
R
Roaming
Laden op het netwerk van een andere operator met je eigen laadpas of app. Achter de schermen rekenen de operator en je provider de sessie af via OCPI, rechtstreeks of via een roaminghub.
S
Slim laden
De overkoepelende term voor laden dat zich aanpast aan de omstandigheden: beschikbaar vermogen, zonneproductie, energieprijzen of een schema. In de praktijk een combinatie van power management en laden op tarieven.Lees verder
Slimme meter (P1)
De energiemeter die het verbruik van een gebouw meet en in Nederland en België actuele meetwaarden deelt via de P1-poort. Een P1-dongle voedt die waarden aan de lader voor dynamische load balancing en laden op zon.
State of charge (SoC)
Hoe vol de batterij van de auto is, als percentage. Laden vertraagt doorgaans bij een hoge state of charge, vooral tijdens DC-snelladen.
Storing (laderstatus)
De lader of connector meldt een fout, meestal met een foutcode die naar de oorzaak wijst. Vaak veroorzaakt door netproblemen, een gevallen automaat of een hardwaredefect.
T
Type 2-stekker
De standaard AC-laadstekker in Europa, verplicht op publieke AC-laadpunten in de EU. Ondersteunt een- en driefase laden tot 22 kW (in zeldzame gevallen 43 kW).
V
V2G (vehicle-to-grid)
Bidirectioneel laden: de auto kan energie terugleveren, aan het gebouw (V2H) of het net (V2G). Vereist een bidirectionele lader en een auto die het ondersteunt; de adoptie staat nog aan het begin.
Verbindingsstatus
Of een lader op dit moment internetverbinding met zijn platform heeft: online of offline. Een offline lader laadt meestal gewoon door, maar is niet op afstand te volgen of aan te sturen tot de verbinding terugkomt.
Voorbereiden (laderstatus)
De lader is verbonden met een auto of er is een pas geautoriseerd, maar nog niet allebei. De sessie start zodra de tweede stap volgt.
W
Waarde hoofdzekering
De maximale stroom die de hoofdzekering van de locatie toestaat, per fase, in ampère. Dit is de harde grens die load balancing bewaakt: alles in het gebouw plus de laders moet eronder blijven.